Maux

Geloofde in haar vorige leven ook al niet in reïncarnatie
Blog

Window dressing

‘Ik lig in scheiding’ antwoordde ik op Instagram nadat iemand vroeg of ik wel oké was omdat ze een semi-motivational quote op mijn story had gelezen. Ik probeer deze quotes tot een minimum te beperken, mensen die dat deden tijdens hun relatiebreuk vonden we vooral pathetisch. Nu vind ik het volkomen begrijpelijk.
‘Nogal onverwacht’ voegde ik er snel aan toe met een gebroken hartje, alsof dat een verzachtende omstandigheid zou kunnen zijn voor mijn subtiele hints die haar toch niet bereiken.

Wij bereikten elkaar allang niet meer, en zeker niet via Instagram dat de etalage was van onze hunkering naar mooie mensen, betoverende plekken, liefdevolle momenten en fijne, zachte dingen. Een diepgelaagde behoefte die veel verder ging dan alleen de buitenkant: we verlangden naar de schoonheid van het leven, de liefde en elkaar.

In een zoveelste poging om het heden te begrijpen, duik ik opnieuw in ons verleden. Ik scroll door de whatsappgesprekken en schrik als ik teruglees hoe de eenzaamheid er de laatste jaren in is geslopen. Hoe we allebei ons best deden om het leven vooral niet lelijk te maken. Daar pasten geen ingewikkelde gesprekken over geld, het huishouden en andere lastige emoties zoals jaloezie en angst bij.

‘Ik word ik in het aangezicht van de ander’, zei de filosoof Emmanuel Levinas. Daar bedoelde hij vast geen FaceTimen mee. Mijn ‘ik’ was ergens blijven hangen op de zolderkamer, tussen de Teams- Webex- en Zoommeetings in. De gesprekken bij de koffieautomaat die vroeger zo onbeduidend leken, blijken nu belangrijke momenten te zijn geweest. Deze casual ontmoetingen met losse grapjes over de kinderen, het weer en het weekend, waren de spiegels waarin ik vanaf een gezonde afstand naar mezelf kon kijken. Of waardoor ik weer even heel hard kon lachen om mijn eigen grappen. Die kon ik dan ‘s avonds weer aan haar vertellen en dan lachte zij ook. Om mij. Ik kan me niet meer herinneren wanneer ze voor het laatst echt heeft gelachen. Om mij.

We deden ons best. We namen een hond, een ander huis en ontmoetten nieuwe vrienden in naadloze aanvulling op de oude. We zorgden voor glitters, glamour en 24/7 gezelligheid in binnen- en buitenland. Toch lukte het me nog steeds niet om mezelf te ‘ont-moeten’. Ik moest veel van mezelf. Ondertussen ontdekte zij tussen de persconferenties door steeds meer en beter wie ze zelf was en zag ze haar schoonheid, talent en kracht gereflecteerd in haar werk en in nieuwe en oude vriendschappen. Misschien durfde ik de waarheid niet te zien, maar van een van deze vriendschappen heb ik de intensiteit en impact op onze liefde onderschat. Ons huwelijk was aan het afbrokkelen en ik voelde het, ik wíst het. Maar ik was bang en hoopte dat het met een vriendenglitterweekend op Ibiza allemaal wel weer goed zou komen. Ik was uitgeput. Het was window dressing.

Ik gaf veel (weg) om de leegte en het gemis op te vullen met hoop die vooral bestond uit materiële herinneringen. Nu staar ik alleen en met lege handen naar de puinhoop om mij heen. Gelukkig hebben we de foto’s nog in het kwadraat. Het is een complete ravage, maar ergens schreeuwt de potentie om van een weergaloze schoonheid te willen en kunnen zijn. Alleen wie om kan kijken, kan vooruit zien. Ik leer mezelf opnieuw kennen op de bodem van deze ruïne waarvan alleen de fundamenten nog overeind staan.

Mijn ik was een groeimodel en wilde zich blijven ontwikkelen, maar de voeding werd armer en de grond steeds schraler. En toen was ik weg.

1 Comment

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.