Platonisch

Over een maand word ik 36. Da’s aan de verkeerde kant van de dertig. ‘Wees blij dat je al kinderen hebt’, zegt vriendin I, die zich elke keer weer vol overgave stort op de volgende potentiële ware. Net als vriendin II trouwens. Zij gaan allebei richting de verkeerde kant van de dertig en ze willen nog kinderen. Dat is een andere wereld. Ik kan nog wel eens verbaasd zijn over mijn kinderen, dat ik ze heb. En dat ze met zoveel zijn. Dan zitten ze met z’n drieën op de bank en dan denk ik “jee, wat heb ik veel kinderen”.

Mijn vriendinnen hebben rammelende eierstokken en eisen. Niet zoveel als ik er ooit had, maar hé, er is maar één master of self deception. Maar ik voel dus met ze mee. Been there, done that. De ware is bij mijn vriendinnen namelijk niet alleen jongensachtig, maar ook mannelijk. Hij is niet alleen emotioneel intelligent, maar heeft ook een bovengemiddeld IQ. Hij is aantrekkelijk, maakt muziek en speelt in een band en zijn uiterlijk mag zeker niet te bedacht zijn. De potentiële ware van mijn vriendinnen heeft een interessante baan waarin hij belangrijke dingen doet voor een betere wereld. En waarmee hij ook nog eens veel geld verdient.

De ware is seks, drugs, rock ’n roll en om zes uur thuis voor het eten.

Vriendin I heeft nu al een aantal maanden ‘een vriendschap’ met een leuke man. Ze bellen elkaar even aan het einde van de dag, ze doen een paar keer in de week boodschappen en ze koken samen. Ze kennen de namen en verjaardagen van elkaars familie en vrienden, ze weet hoe hij zijn koffie drinkt, hij weet dat ze op vrijdagavond een cursus astrologie heeft. En, o ja, ze hebben seks samen.
‘Maar dat is allemaal platonisch’, zegt vriendin I, ‘want hij is niet de ware.’
‘Platonisch?’, zeg ik, ‘als dit platonisch is, hoe noemen we tegenwoordig dan wat vroeger we vroeger platonisch noemden?’
‘Een mindfuck’.

Vriendin II heeft een date met een man met wie ze al veel heeft gebeld. Avondenlang hing ze met hem aan de telefoon. Hij is 36, advocaat, wil minstens twee kinderen, ziet er volgens de foto’s goed uit en houdt ook van Coldplay en sushi. De perfecte match dus. Ze spreken af in café Alverna. Ze zit aan de bar en tuurt naar de deur. Ze herkent hem meteen en schrikt: hij loopt gek. Als een eendje. Hij lacht zijn tanden bloot en ze schrikt nog een keer, maar nu van zijn grote voortanden. En ziet ze daar nou een maanzaadje zitten? Ze wil het liefste heel hard weghollen, maar ze blijft. Het is net als in Bataviastad: ze staat voor de spiegel in de outletstore van Tommy Hilfiger. Ze heeft zich met pijn en moeite in een net iets te krappe spijkerbroek gehesen. De broek is er niet meer in haar maat, maar als ze haar buik inhoudt dan gaat het best wel. Ze bekijkt zichzelf van opzij, met een vestje zie je haar heupen niet zo. Bovendien scheelt het nu wel ruim de helft. En ach, ze wilde toch al gaan lijnen.

Vriendin II staat op van haar barkruk, steekt haar hand uit en zegt
‘wat heerlijk om je eindelijk live te zien’. Ze houdt haar buik in, hij moet en zal passen.

Commercial break
  • email
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • LinkedIn
  • eKudos
  • NuJIJ
  • MSN Reporter
  • Google Bookmarks
  • Print

One Response to “Platonisch”

  1. Do Says:

    Jij bent echt goed. Vooral in de laatste twee zinnen.



Leave a Reply