Italië op maandag

Italië is het land van hompen brood met delicate truffelolie, van machomannen die tot hun dertigste bij mamma wonen. In Italië klopt het katholieke wereldhart maar bijna geen kerstboom te zien. Italië zit vol met tegenstellingen en misschien dat ik me er daarom altijd zo gelukkig voel.

Italianen lachen. ‘Het leven in Italië kent geen inhoud, noch waarheid, noch diepgang – zoals in feite overal elders,’ schreef de Italiaanse filosoof Leopardi over zijn land. ‘Het grote verschil met andere landen is alleen dat het leven hier niet eens de schijn van inhoud kent.’ Ze geloven in de leegheid van de dingen; ze relativeren zichzelf en het leven en doen dat met meer overtuiging dan waar ook.

Italianen flirten. Na vier maanden Rome op mijn achttiende liep ik ongeworteld rond op Schiphol, ‘wordt er nog gefloten of hoe zit dat?’ Dus toch, dacht ik hoopvol toen een bleke jongen mij met een licht spottende blik aankeek: ‘je mag dat bagagekarretje niet meenemen, staat toch op dat bord, trut.’

Italianen dwepen. Ze verafgoden Ferrari en hun moeders. Vorige week was ik er zelf voor het eerst in actie te zien als mamma. Gezellig, samen in Rome met mijn lieve kinderen die allang zelf hun billen afvegen, langer uitslapen dan ik en attent bedenken dat we een flesje Chianti mee kunnen nemen voor hun vader die ons naar Schiphol bracht. Mijn ex. Had in de hete Romeinse zomer van 1993 een waarzegger mijn pad gekruist met deze voorspelling dan was ik subito het klooster ingegaan.

Maar Gods wegen zijn ondoorgrondelijk, en daar liep ik dan, zeventien jaar later. Drie kinderen, een grote liefde en een kledingmaatje rijker. Maar vooral: de liefde rijker. Toen was er opeens die celliste die voor het Pantheon een stuk van Bach speelde terwijl wij nipten aan de zoveelste Chianti. Het was een overwinning, mijn kinderen, Ralph, ik, heden, verleden, we dronken op finish en op alles wat er nog komen zou. Je hoeft niet altijd een berg te beklimmen om te weten dat hij hoog is. Soms moet je gewoon even achterover leunen en tegen het geluk aanschurken dat voor je neus ligt te gloeien van genot. Dat schreeuwt om gezien te worden, geaaid, gekoesterd, dat geluk dat roept: zie mij, ik ben er! En voor je het weet stromen de tranen over je wangen en vangt je geliefde je blik, buigt voorover en zegt dat hij van je houdt. Gewoon in het Nederlands.

Commercial break
  • email
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • LinkedIn
  • eKudos
  • NuJIJ
  • MSN Reporter
  • Google Bookmarks
  • Print

Leave a Reply